Daaaag 2017!!

Nu de kerst voorbij is wil ik het liefst meteen alles weer hebben zoals het was.

Weg kerstlampjes, kerstboom en alle versieringen. Best leuk hoor, voor even.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik toch het best functioneer wanneer alles zijn normale ritme heeft.

De lampjes overal vind ik zeker mooi maar het zijn allemaal extra prikkels, licht en geluid komen harder binnen dan voor het incident.

De knallen van vuurwerk helpen er ook niet echt aan mee. Nu hebben we er hier gelukkig niet zo heel veel last van maar toch zijn er elke avond wel een paar flinke klappers te horen.

Doedel slaat er vervolgens keihard op aan en blijft dan ook heerlijk hangen in haar geblaf.

Ze is er doodsbang voor en loopt hijgend en trillend door de kamer.

Nee, laat die ellende maar snel voorbij zijn.

 

2017…apart jaar. Mooi met Joep, hoe dat mannetje opgroeit is geweldig om te zien. Hoe snel hij dingen leert, hoe vrolijk hij elke dag weer is, zo klein als hij is zoveel liefde geeft hij en ik ben intens dankbaar voor deze lieverd in ons leven. Het jaar dat Roel en ik getrouwd zijn en ook al vonden mensen onze bruiloft anders dan anders, het was onze bruiloft en het ging om onze liefde voor elkaar. Wij zijn gelukkig samen en zeggen vaak dat we alles wel aankunnen samen. Zo voelt dat ook echt.

Ook het jaar van het weerzien met Flip. Dat heeft me toch wel heel veel gedaan. Dolgelukkig ben ik er mee. Een paar uurtjes kon ik hem zien en kroelen. Wat gaaf was dat!

Het was ook het jaar van afscheid nemen, van het werk dat ik deed, van arbeidsongeschikt raken en teleurstelling in instanties en mensen. Het jaar waarin we erachter kwamen dat er gevochten moet gaan worden en hard ook.

Ook het jaar van nieuwe ontmoetingen en nieuwe ideeën en plannen. Mooie mensen leren kennen.

Het jaar waarin we ons huis te koop hadden gezet via facebook en het binnen vijf dagen verkochten. Waarin onze zoektocht begon naar een nieuwe woning. We hebben nu echt een huis naar onze zin. Waar Joep op kan groeien met genoeg ruimte zowel binnen als buiten. Dat is heel wat beter dan het kleine kamertje dat hij nu heeft. In het nieuwe huis heeft hij alle ruimte om lekker te ravotten en in de omgeving zijn er meer kindjes van zijn leeftijd.

 

2017 was ook het jaar waarin ik afscheid nam bij het revalidatiecentrum, wat heel vreemd voelde. Ik wist eerlijk gezegd niet of het me allemaal wel zou lukken maar dat ging beter dan verwacht. Ik probeer me te houden aan de P.R.E.T. regels. Pauzeren, rustige ruimte opzoeken, een ding tegelijk, tempo aanpassen. Voor iemand die altijd elke kant op vloog en aan alles mee wilde doen lukt het me aardig. Het lukt me niet altijd. Dan weet ik best dat de consequenties voor mij zijn en lig ik uitgeteld met hoofdpijn en overprikkeld op de bank. Soms een paar uur, soms heb ik dagen nodig om bij te trekken. Soms is het me waard, soms niet. Dat hele gedoe met de Achmea heeft veel gekost van mijn energie, humeur en ik knalde van de druk op mijn hoofd. Dat zal ook vast nog wat jaren gaan duren als ik collega’s en anderen met hersenletsel zo eens hoor. Afgelopen week heb ik me er niet mee bezig gehouden. Even niets.

Inmiddels heb ik namelijk ook ontzettend veel pijn gekregen aan mijn schouder en arm. Ik weet soms gewoon niet hoe ik mijn arm moet houden en slik elke dag pijnstillers. Ook voelt het soms alsof mijn arm in brand staat. Blijkbaar kunnen je hersenen je goed voor de gek houden maar fijn is anders.

 

2018 wordt dus het jaar dat ik wederom ga starten bij het revalidatiecentrum. Binnenkort ga ik weer op gesprek bij mijn revalidatiearts om te bespreken wat we gaan doen.

Best vreemd, in 2017 sluit je dat af om in 2018 alweer te beginnen. Niet verwacht maar deze pijn elke dag is ook niet tof en daarbij lijkt het me verre van gezond elke dag pijnstillers te slikken.

2018 wordt ook het jaar van afscheid nemen van het werk. Echt afscheid. Mijn ontslag komt eraan.

Daarmee ook weer wat nieuws binnen de organisatie maar toch. Het doet pijn en dat blijft het voorlopig wel doen. Ik blijf het werk missen. Mensen zeggen me dat ik toch verbonden blijf aan de organisatie. Dat is zeker tof maar het is niet hetzelfde. Niet te vergelijken met het werken op straat.

Ik denk dat de verhuizing veel goed gaat maken. Een nieuw begin. Net als het NAHuis. Dingen waar ik naar uitkijk. (ik kijk vooral uit naar de tijd dat we al gesetteld zijn in onze nieuwe woning, de verhuizing zelf, daar zie ik enorm tegen op)

Een nieuw begin, zo voelt het wel 2018.

Eerst maar eens de jaarwisseling.

Houdt het veilig, maak er een feestje van, heb respect voor mijn collega’s en overige hulpverleners, ook zij willen graag zonder kleerscheuren weer naar huis!

Het beste voor 2018, dat het een mooi, gezond en liefdevol jaar mag worden.


Gewoon even iets anders.

Eens even wat anders dan schrijven over Achmea. Mijn frustratie hierover kwijt kunnen op papier is top en ik heb al enkele goede adviezen mogen ontvangen. Waarvoor veel dank.

Ook is er vanuit de vakbond het een en ander op touw gezet en ik ben gewoon blij dat er weer beweging is. Ja, ik blijf vechten dat moge duidelijk zijn. Ik ben geen opgever en daarbij vind ik dat er gerechtigheid moet komen voor anderen met NAH en voor collega’s die ook met de ellende van Achmea te maken krijgen. Hier kan en wil ik nog wel meer over schrijven maar voor nu dus even wat anders.

 

Na het oplopen van hersenletsel veranderd er zoals ik misschien al eerder heb gezegd enorm veel. Je oude leven moet je vaarwel leren zeggen en je moet gaan “dealen” met het feit dat je beperkt bent in een hoop dingen en niet alles meer kan.

Ook daar leer je dan weer van. Ik heb geleerd sneller mijn rust te pakken bijvoorbeeld. Ik kon dit nooit terwijl ik dit misschien vaker moest doen. Ik draaide mijn diensten, het huishouden, hobby’s, vrienden/vriendinnen, sporten en had daarnaast een berg aan interesses. Ik wilde altijd wel iets leren, iets doen. Stilzitten was nu niet bepaald mijn ding. Het was niet altijd goed voor mijn gezondheid.

Het is niet zo dat ik nu elke dag stil zit, ik wandel veel op advies van de revalidatiearts, heb daarnaast de zorg voor Joep en dat is best wel genoeg. Ik leer daarnaast steeds beter om mijn rustmomenten te pakken. Daar had ik in het begin wel moeilijk mee maar dit gaat me inmiddels best prima af.

 

En toch ga ik iets missen. Als je veel op moet geven, werk, hobby’s, sporten etc. dan ga je uiteindelijk toch nadenken. Wat nu?

Waar liggen mijn talenten? Wat wil ik? Wat kan ik en hoe kan ik dat aanpakken?

Hoe kan ik ervoor zorgen dat ik niet teveel hooi op mijn vork neem? Kan iemand me daarbij helpen?

Vroeger danste ik heel graag. Jarenlang klassiek ballet gedaan maar nu een pirouette draaien, dat gaat hem bijvoorbeeld al niet worden. Ik kletter direct op de grond omdat mijn hersenen die beweging gewoon niet kunnen “handelen.”

Maar dansen, dat zou ik toch wel ontzettend graag weer doen.

Schilderen ook. Ik kom er alleen niet aan toe of begin eraan en maak het niet af. Als ik iets in mijn hoofd heb zitten over wat ik op dat doek wil krijgen dan moet ik daar ook aan beginnen en wil er mee stoppen als het er eenmaal op staat. Met een klein mannetje van anderhalf is dat niet echt te doen. Niet dat het erg is hoor. Joep slaapt anderhalf tot twee uur op een dag en in die tijd krijg ik niet iets op het doek. Meestal als Joep slaapt pak ik ook mijn rustmoment. Meestal slaap ik heel even mee of ga gewoon niets doen. Geen radio, geen tv, geen telefoon, niets. Stilte, bijtrekken en dat is voor mij helemaal oke.

 

Nu bestaat er zoiets als het NAHuis in Tilburg. Dit is een ontmoetingsplek voor anderen met NAH. Niet dat ik zo ben. Ik heb er niets mee om in een kring te gaan zitten en te gaan praten over wat je mankeert en hoe erg dat allemaal wel niet is. Echt, daar ben ik allergisch voor.

Dat anderen daar kracht uithalen is mooi en goed voor hen maar ik krijg er jeuk van.

Het NAHuis gaat samen met je kijken wat je wil en wat je kan.

Fietsen, zwemmen, acteren, darten, biljarten, taalles, schilderen, wandelen en nog veel meer. (kijk maar eens op internet) Je kan kiezen om dingen alleen te doen of met een vrijwilliger die je helpt of anderen die NAH hebben.

Ze bieden je ondersteuning om je, misschien wel nieuwe, talenten te leren ontdekken en daar ben ik ernstig naar op zoek.

Ik wil weer iets. Iets creatiefs, of zwemmen (al ben ik daar geen kei in, door mijn arm die pijn gaat doen en snel moe word) maar het lijkt me wel tof.

Eigenlijk ben ik dolenthousiast. Ik ga weer iets doen, mijn talenten ontdekken en ik krijg er begeleiding bij. Dat er mensen zijn die dit mogelijk maken is echt tof.

Over twee en een halve week heb ik een kennismakingsgesprek en ik kijk er naar uit.

Nooit gedacht dat ik dit nog zou gaan doen.

Zo zie je maar, soms denk je, dit ga ik echt nooit doen. Dit kan ik niet of dit wil ik niet en dan uiteindelijk tel je de dagen af tot het zo ver is. Echt, ik kan niet wachten, stuk ongeduld dat ik ben.

Altijd al gehad dat ongeduldige, dat slaan ze er zelfs niet uit :-)


Sorry hè!!!

Op mijn vorige blog kreeg ik zoveel reacties dat ik niet eens de tijd heb gehad overal op te kunnen reageren. Ik ben iedereen dankbaar want, sjeetje, wat kreeg ik een lieve en bemoedigende reacties. Hierdoor is mijn vechtlust alleen maar groter geworden.

Mijn vorige blog is onder andere gedeeld op een pagina voor collega’s en een pagina voor anderen met NAH.

Ik ben me echt rot geschrokken. De verhalen van collega’s die ook een dienstongeval hebben gehad en al vijf jaar of langer aan het vechten zijn met zo’n schijtinstantie als Achmea doen mij echt veel verdriet en ik word er nog kwader door.

 

Collega’s laten weten dat dit blijkbaar de normale gang van zaken is bij Achmea. Zo is er een collega die dus echt blind is geslagen, een ander heeft nekletsel en ook deze collega’s moeten vechten. Echt serieus??? Ik kan dit niet begrijpen. Je kiest voor dit vak om anderen te helpen, om iets te betekenen voor de maatschappij om vooruit te stappen waar anderen een pas achteruit maken of heel hard wegrennen.

En dat er dan, zodra je iets overkomt tijdens de dienst, in elkaar wordt geslagen, onderuit gaat met een dienstmotor of wat dan ook nog eens zo’n fucking maffe Achmea instantie je het je jaren moeilijk maakt? Mijn God, ik heb om al deze verhalen een traantje gelaten. Ik heb er slecht van geslapen en ik ben er echt ziek van. Dat mij heel makkelijk werd meegedeeld tijdens een gesprek op het werk dat smartengeld “gewoon” wordt uitgekeerd is een grote grap. Ik kan er alleen niet om lachen. Verre van.

 

Zo hoorde ik van iemand die ook te maken heeft met Achmea dat zij Achmea had verzocht zelf een ziekenhuis uit te zoeken om een medische expertise te ondergaan. Hier moest Achmea wel even over nadenken. Zeven maanden lang. Rekken, rekken, rekken, het magische woord bij Achmea.

Mensen gek maken. Daar zijn ze blijkbaar een kei in.

Binnenkort heeft zij haar onderzoek in een ziekenhuis door haar uitgekozen. Na zeven maanden, zeven maanden! Ik kan alleen maar voor haar hopen dat dit voor haar goed uitpakt want zij heeft met het opgelopen hersenletsel door een heftig verkeersongeval al genoeg shit meegemaakt.

 

Ach ja, mijn medische expertise (die drie uur duurde) uitschrijven nam ook meer dan drie maanden in beslag en toen was er nog spoed achter gezet, moet je nagaan.

Mijn hemel, een verdachtenverhoor dat drie uur duurde had ik dezelfde dag nog uitgeschreven, anders wel de andere dag. Drie maanden hahahaha, het is toch vreselijk.

Ik heb veel adviezen gekregen, heel erg veel en daar ben ik dankbaar voor.

Er is me zelfs hulp van de landelijke media aangeboden door onder andere een hele lieve kennis. Ik twijfel er nog over maar denk niet dat deze twijfel heel lang zal blijven aangezien mijn woede blijft stijgen als ik de verhalen van anderen hoor en lees.

Onrecht is iets waar ik absoluut niet tegen kan.

Ik heb dan de dag na het plaatsen van mijn blog, compleet over de mik, telefonisch contact gehad met de vakbond. Na vier telefoontjes, verkeerd doorverbinden en de vraag of ik die collega uit Gorinchem was met PTSS werd er weer duidelijk om welk “geval” het ook al weer ging. TOP!

Lijntjes werden uitgegooid en er gaat gekeken worden of er toestemming wordt gegeven voor een nieuwe medische expertise. Ja ja, daar moet eerst toestemming voor komen, want dat kost geld maar dat mag ik dan terug betalen als er smartengeld wordt uitgekeerd. Ow, fijn ja. Ik heb er vertrouwen in…..proest….

Ook na een paar dagen mailen en een paar belletjes door de vakbond naar de advocaat kreeg ik zowaar ook een mail van hem. WOW!

 

Dat ik dan kapot ben aan het eind van de dag, overprikkeld, boos, en knal van de koppijn lijkt me niet zo vreemd. Alleen niet zo fijn voor mijn omgeving geloof ik. Dus sorry daarvoor.

Ik kijk de komende week eens aan hoe het allemaal gaat verlopen en heb besloten eens niet overal achter aan te bellen en te mailen. Dat kost me teveel energie en is echt verre van goed voor mijn humeur.

Ik wil het vertrouwen in de mens niet verliezen hoor maar als het komende week stil blijft dan klinkt die landelijke media zo gek nog niet.


Bij twijfel WEL schrijven

Lang, heel lang heb ik getwijfeld of ik deze blog ging schrijven. Inmiddels ben ik zo verdrietig en kwaad dat het me eigenlijk niets meer uit maakt wie er wat dan ook van zal gaan vinden. De mening van wie dan ook over deze blog kan me echt gestolen worden. Ik doe mijn uiterste best netjes te blijven dat wel maar ook dit keer heb ik zo heel wat scheldwoorden klaar liggen die ik dit keer echt graag gebruik.

Oke, waarschijnlijk een lange blog dit keer.

Het begint met het verhaal dat ik dus door twee mannen in elkaar wordt gehoekt. Ik val ook nog eens op mijn hoofd en ga knock-out. Bekend verhaal.

Fysiotherapie, revalidatie, andere wereld, dag mooie dromen, dag lief hondenvriendje, dag baan, dag passie en dag hobby’s.

Welkom ander leven, rustmomenten, moe, plannen, schema’s, pijn, overprikkeling en zo kan ik wel even door gaan. Mijn oude leventje is foetsie.

Ben ik daar boos over? Jazeker. Ga ik dat ooit accepteren? Nooit. Wie accepteert er nu in Godsnaam dat het leven dat je had weg is door een stelletje klootzakken die het licht uit je ogen slaan?

Maar dan komt het beste nog…

Er wordt gezegd dat je recht hebt op smartengeld. Oke, nou ja, ik wil voornamelijk rust aan mijn hoofd en vooral een manier zoeken hoe ik mijn leven ga indelen zonder baan en alles wat die twee kloothommels van mij hebben afgenomen.

Het blijkt dat de baas verzekerd is bij de Achmea voor dit soort “gevallen” en ik er gewoon recht op heb. Niets moeilijks want bij vastgestelde PTSS wordt er ook gewoon uitgekeerd hoor. Ik moet mij vooral niet te druk maken.

Prima dan. Als ik er recht op heb dan doe maar.

En dan gaat het hele circus beginnen.

Ik word vooraf al gewaarschuwd door mensen die ook hersenletsel opgelopen hebben en zij vertellen me precies hoe het zal gaan.

Achmea komt met drie of vier namen van “onafhankelijk” artsen en daar mag ik dan naar toe.

Dan gaan ze hersenletsel van de baan vegen en komen ze met het verhaal dat er extra onderzoek nodig is. Dit allemaal om tijd te rekken want uitkeren zullen ze niet willen doen.

Maar ik overleg het hele verhaal en moet maar gewoon doen wat Achmea vraagt.

En jawel, ik krijg drie namen door van “onafhankelijk” artsen.

Hmm, hier krijg ik wel al een naar gevoel van maar er word mij verteld dat dit erbij hoort.

Er word mij (nou ja, Roel, want hij voert soms gesprekken voor mij omdat hij het wel onthoudt) verteld dat er in ieder geval al niet wordt uitgekeerd als er niets zichtbaar is op scans of MRI etc.

O, waarom moet ik dan wel dat onderzoek gaan doen bij die “onafhankelijk” arts?

Bij mij is er niets zichtbaar, net als bij duizenden anderen mensen die traumatisch hersenletsel hebben opgelopen.

Als er bijvoorbeeld kleine puntbloedinkjes ontstaan wordt dit door een MRI of dergelijke niet gezien.

We gaan toch naar die “onafhankelijk” arts. Het hoort er nu eenmaal bij.

Het is in Eindhoven bij Justus, een bureau voor medische expertises. De reis erheen zorgt ervoor dat mijn energielevel al iets of wat gedaald is.

Een beetje moe kom ik binnen. Roel gaat nog even naar het toilet.

Ik word binnen geroepen en zeg de “onafhankelijk” arts dat ik graag mijn man bij het gesprek wil hebben.

Hij geeft aan dat dit niet nodig is. Ik zeg dat dit zeker wel nodig is omdat ik hem er gewoon bij wil hebben en Roel ook veel meer dingen weet dan ik aangezien mijn geheugen ruk is door het opgelopen HERSENLETSEL.

De man stribbelt iets of wat tegen maar ik loop gewoon terug de lange gang uit en besluit Roel te halen. Ik heb een naar onderbuikgevoel.

Gelukkig zie ik Roel en dan blijkt dat we de kamer niet eens terug in kunnen want je hebt een elektronische toegangspas nodig om binnen te kunnen komen.

Na op de deur geklopt te hebben wordt er open gedaan en mogen we binnen komen.

Er wordt een lang verhaal gedaan over de werkwijze van deze “onafhankelijk” arts.

Ik ben al snel kwijt wat deze man zit te vertellen want ik wil me niet hoeven concentreren op wat hij zegt. Ik wil helder zijn voor eventuele vragen en onderzoek.

En dan krijg ik allerlei vragen op me afgevuurd. Op veel vragen kan ik geen antwoord geven simpelweg omdat ik het niet weet. Het hele incident kan ik me niet herinneren. Roel verteld dus best veel van alles wat hij ervan heeft gehoord en wat hij heeft meegekregen in het ziekenhuis en daarna.

Dan na twee! uur komt de vraag wat ik van de toekomst verwacht. Ik ben kapot na twee uur en zeg alleen nog dat ik Joep op de beste manier wil opvoeden en misschien, als dat mag, zo nu en dan vrijwilligerswerk doen binnen de organisatie.

Hij vraagt wat ik nog meer wil doen. Ik snap hem niet. Is dat niet genoeg? Dit is wat ik kan meneer.

Mijn energie is behoorlijk snel op en het zorgen voor Joep is voor mij genoeg. Na een dag voor Joep zorgen is mijn energie op, ik kan daar niet nog iets naast doen hoe graag ik dat ook wil.

Hij vraagt me nogmaals of er dan nog andere dingen zijn die ik wil doen. Ik denk bij mezelf dat deze man het echt niet snapt en wil het liefst gillen: “Nee, dat kan ik verdomme niet!”

Maar nee hoor, ik barst in tranen uit. Beseffend dat dit het ook echt is. Ik kan alleen maar sorry zeggen en zeggen dat ik zo onwijs moe. Dat de reis er heen al energie kost en de twee uur vragen me meer dan opbreekt.

Het is blijkbaar niet duidelijk want er zal nog een lichamelijk onderzoek volgen.

Ik kijk Roel aan en zeg dat ik niet meer kan. Ik ben op.

Deze meneer zal dat toch wel door hebben en begrijpen?

Er wordt dan in het onderzoeksrapport geschreven dat ik niet mee werk aan lichamelijk onderzoek.

Zucht.

Alle neurologische testen komen weer voorbij. Raak je neus aan, knijp in mijn handen, loop op je hakken en op je tenen, raak de grond aan. Ik doe alles wat deze man zegt maar ondertussen vloek ik van binnen en wens ik dat het snel voorbij is. Mijn hoofd knalt uit elkaar van de hoofdpijn en alles lijkt langs me heen te gaan. De test met de stemvork komt voorbij en ik hoor het rechts minder dan links. Mijn reflex rechts is niet opwekbaar.

De test voor duizeligheid volgt. Verdomme, ik heb net een rondje fysiotherapie afgerond om van de duizeligheid af te komen en nu gaat hij het even opwekken.

Ik zeg dit maar er wordt niet op gereageerd. Ik kijk Roel aan en die geeft me een blik terug waaruit mij duidelijk is dat ik het maar moet doen.

De “onafhankelijk” arts laat me achterover vallen en kijkt daarbij naar de beweging van mijn ogen. Gaat prima als ik mijn hoofd naar rechts houd maar naar links begint de hele kamer te draaien en word ik misselijk. God, wat haat ik duizelig zijn.

Ik begin te denken dat dit het me allemaal niet waard is. Ik voel me ellendig, ik ben misselijk, duizelig en knal van de hoofdpijn.

Dan wil hij de test met de stemvork herhalen. Ik zeg maar dat ik het aan beiden kanten even duidelijk hoor. Rechts hoor ik het nog steeds zachter maar ik ben inmiddels zo op dat ik niet meer wil. Niet nog meer vragen of onderzoeken. Ik wil naar huis. Ik wil pijnstillers en ik wil geen licht meer zien en ik wil slapen. Ik ben kapot.

We zijn klaar en het onderzoeksrapport komt wel met de post. Ja, prima. Al komt het niet, ik wil weg.

Na meer dan drie maanden is er dan eindelijk het rapport. En jawel, waar ik voor gewaarschuwd was klopt als een bus. Er is vervolgonderzoek nodig.

Ik zal opgenomen moeten worden in een epilepsie kliniek om te kijken wat voor soort epilepsie het nu daadwerkelijk is. Dit is niet te linken aan het hersenletsel.

Ik ben boos en het hele rapport staat vol onwaarheden. Wat twee neurologen hebben gezegd wordt van de baan geveegd door deze man. Wat Roel en ik hebben gezegd staat niet zo op papier.

Opgenomen in een epilepsie kliniek? Ik heb gewoon een kindje van anderhalf en een man die werkt hoor. En daarbij komt een aanval over het algemeen na drie nachten amper slaap. Ik ga niet zo lang wegblijven en weer helemaal stuk zijn door een aanval.

Tijd rekken, niet uitbetalen. Iets wat niet zichtbaar is dat is er niet. Heb ik even voor Jan Lul bijna twee jaar gerevalideerd en mijn baan op moeten geven en mijn lieve Flip en mijn hobby’s en passie.

Ik ben boos en niet zo’n beetje ook. Tot overmaat van ramp krijg ik niemand te pakken. Mijn advocaat niet, mijn belangenbehartiger van de vakbond niet. En nu?

Dit was voorspeld en het komt gewoon uit.

Anderen met hersenletsel vechten soms al zes jaar!! Zes jaar!!!

Ik ga dat niet trekken. Ben nu al op door deze ellende.

Bij PTSS (overigens ook niet zichtbaar op scans en MRI) heeft mijn werkgever een mooie deal. Het smartengeld wordt door de organisatie uitbetaald en zij gaan het wel terug halen bij Achmea.

Maar als je dus in elkaar wordt geslagen en daardoor alles wat je lief was op moet geven niet.

Dan moet je netjes alle stapjes volgen die Achmea wil.

Ik ben woest. Woester dan woest. Woest is niet eens het goede woord. Onrechtvaardigheid ten top!

Maar nu? Ga ik het opgeven en ga ik voor rust aan mijn hoofd?

Of ga ik vechten?

Niet alleen voor mezelf maar voor iedereen met hersenletsel?

Ik denk dat iedereen mij inmiddels wel goed genoeg kent en weet mijn volgende stap gaat zijn.

Ik ga vechten en hard ook. Jullie zijn niet zomaar van mij af Achmea.

Zes jaar? Al is het tien jaar, vechten ga ik.

Misschien moeten de mensen van Achmea eens naar de voorstelling Verbinding Verbroken.

Ga eens kijken wat de gevolgen zijn voor mensen met hersenletsel. Praat eens met mensen die het hebben opgelopen door een ongeval of wat dan ook en waarbij het ook niet altijd zichtbaar is.

Of sta een dag in mijn schoenen. God, wat zal ik dan graag naar een druk winkelcentrum gaan of een rock concert of gewoon naar de supermarkt. Eens kijken wat ze dan zeggen.

Nee, trouwens doe dan ook maar een paar dagen of een week want zo lang willen de mensen van Achmea dat ik naar die verrekte epilepsiekliniek ga.

Of ruil lekker met mijn leven, mag best hoor. Roel, Joep en Doedel wil ik wel houden maar mijn pijn, duizeligheid, overprikkeling, slechte geheugen en vermoeidheid mogen de mensen van Achmea zo overnemen. Geen probleem.

Ik zeg: “To be continued.”


Hallo Flip!!!

Het is al een tijdje terug dat ik een blog schreef. Dat heeft meerdere redenen.

Mijn gezondheid laat me momenteel een beetje in de steek. Grieperig, nachten niet slapen, de zorg voor Joep terwijl ik zelf behoorlijk beroerd was, veel pijn aan mijn schouder en arm, gewoon even niet zo’n geweldige periode. Ook Joep was even flink beroerd.

Nu is dat ook maar weer een periode, gaat wel weer voorbij.

 

Waar ik over wil vertellen omdat ik daar nu nog steeds weer superblij van word is dat ik Flip weer heb gezien!

Dit met heel veel dank aan verhuisdieren.nl

Via deze site heb ik het nieuwe baasje van Flip mogen vinden en daar ben ik tot op de dag van vandaag dankbaar voor. Flip heeft het getroffen en is dolgelukkig. Op de website van verhuisdieren kon ik alles vertellen over Flip en wat voor baasje bij Flip zou passen. Zo kwam ik al snel in contact met wat later bleek het nieuwe baasje van Flip.

Roel zei me laatst dat ik een mail van haar kreeg en haar daarna sprak aan de telefoon. Toen had ik blijkbaar gezegd: “Shit, ze klinkt nog aardig ook!” Alsof ik toen al wel doorhad dat Flip een nieuw thuis had gevonden. Heel apart was dat. Het afscheid van Flip vergeet ik nooit meer. Ik zie hem hier nog vrolijk kwispelend mee lopen met zijn nieuwe baasje, het tuinpad af. Tranen met tuiten maar goed, daar heb ik al eerder over geschreven.

 

Op 18 november hebben we elkaar weer gezien. We hadden in de middag afgesproken en ik was zo zenuwachtig en blij en alles tegelijk. De tijd kon me niet snel genoeg gaan.

Eerst hebben we kort met de mensen achter verhuisdieren gesproken. Aardige mensen dus ik was al snel redelijk op mijn gemak. Er werd een kort interview afgenomen en later hebben we dan Flip ontmoet samen met zijn nieuwe baasje.

We zagen elkaar na bijna anderhalf jaar weer terug in het Ulvenhoutse bos.

Net voor ik Flip ging zien zat mijn hart in mijn keel. Zou hij me herkennen? Zou hij net zo blij zijn als ik om elkaar weer te zien? Misschien moest ik wel huilen. Zou dat niet raar zijn?

En daar was dan het moment. Mijn grote, lieve, zwarte maatje. Jeetje, wat zag hij er ontzettend goed en blij uit!

Hij was nog steeds zo enthousiast. Hij sprong tegen me aan en ik kon niet stoppen hem te aaien en naar hem te kijken. Ook Joep werd vrolijk begroet met een paar lebbers. Die twee lagen vaak samen naast elkaar toen Joep een baby was. Joep snapte er niets van zo’n hond ineens zo dichtbij maar Flip leek Joep wel te herkennen en kroop bijna in Joep zijn wagentje.

Flip zijn vacht was vol en krullend, zo mooi. Bij ons had hij nog last van zijn huid en dat zag je best goed. Hij kreeg hier medicatie voor maar het hielp steeds maar even.

Flip zijn nieuwe baasje heeft helemaal weten te achterhalen waar het aan lag (allergie) en heeft Flip op het juiste voer gezet en wauw, dat was wel te zien.

We hebben nog wat gedronken en gekletst met Flip zijn nieuwe baasje en Flip lag regelmatig met zijn kop op mijn schoot. Wat een lieverd. Zijn maffe, lange haren voor zijn ogen, zijn gekwispel, zijn enthousiasme, zijn grote, trouwe ogen, Flip, zoals ik Flip ken. Wat heerlijk dat hij zo gelukkig is en dat zijn baasje gelukkig is met hem. Dat Flip een vriendinnetje heeft en nog meer mensen die om hem geven, dat hij zijn baasje beschermt en dat hij thuis is waar hij nu is.

 

Spijt van mijn beslissing heb ik niet. Dat heb ik lang gehad en ik heb de hele situatie vervloekt maar door de mails die ik kreeg van Flip zijn nieuwe baasje wist ik dat het goed was.

Zij hield me op de hoogte van Flip zijn avonturen en stuurde me zo nu en dan een foto en zelfs een filmpje, inclusief muziek. Geweldig.

Het afscheid nu viel me minder zwaar omdat ik gewoon zag dat Flip gelukkig was en er zo onwijs goed uit zag.

 

Een supergave middag was het en ik ben iedereen echt enorm dankbaar dat dit mogelijk is gemaakt.

Ja, ik was hierna wel een paar dagen stuk maar dat heb ik er heel graag voor over gehad.

Flip, Flip, wat heb je het getroffen en wat ben ik je nieuwe baasje dankbaar.

Ik mis je zeker vriendje, maar het is goed zo. Dikke kus.

 

Ik plaats er een foto bij van Flip. Hij lag zo heel vaak bij me tijdens mijn revalidatieperiode. Wat een steun heb ik aan hem gehad.