Hallo nieuw begin!!

Wat een periode, druk met alles inpakken, afscheid nemen van de omgeving en het huis waar zo ontzettend veel is gebeurd. Mooie dingen en verdrietige dingen.

Iedereen om me heen zegt hetzelfde: “Zie de verhuizing als een nieuw begin, dat is toch mooi?”

Uiteraard is dat mooi en kijk ik er ook ontzettend naar uit. Het punt is alleen dat ik bang, nee als de dood ben, dat ik dingen vergeet. Hoe Joep zijn kamer eruit zag. Eigenlijk alles dat na het incident gebeurd is ben ik bang te vergeten en dat wil ik niet.

Zo kwam ik er tijdens het opruimen achter dat ik vergeten ben het babyboek van Joep bij te houden. Zo’n boek waarin je van alles opschrijft. De datum van de eerste keer omrollen tot de datum van het eerste tandje. Ook was er ruimte om herinneringen op te schrijven. De eerste paar bladzijden had ik bijgehouden en daarna, leeg…

Bij mij gaat het dan mis, ik schiet in de stress en haal me allerlei scenario’s in mijn hoofd. Dat Joep later aan me vraagt waarom ik het niet heb bijgehouden. Dat hij in de toekomst wil weten wanneer hij zijn eerste stapjes zette. Ik kan dan alleen maar zeggen: “Ik weet het niet meer.”

Dat zinnetje haat ik inmiddels.

Ja, misschien denk ik er te diep over na maar ja, ik wil gewoon een goede moeder zijn en antwoord hebben op zulke vragen.

Ik kan alleen maar hopen dat Joep het gaat begrijpen later. Het liefst veel later want als het aan mij ligt hoeft hij van alles wat er is gebeurd niet veel mee te krijgen.

Heel veel dingen blijven me bij, als Joep schatert van het lachen wanneer ik hem kietel en lekker gek met hem doe (springen op de bank is leuk, ssssttt), als hij naast me op de bank komt zitten en heerlijk tegen me aan komt zitten, zijn beteuterde snoetje als hij op zijn kop krijgt omdat hij weer eens in de waterbak van Doedel zit (water is zo leuk!) en zijn boze huilbui als we weg gaan uit de speeltuin of hij toch echt naar binnen moet. Al die dingen weet ik en die dingen kan ik hem later nog vertellen. Misschien zijn die kleine dingen, die hele speciale momentjes nog wel veel belangrijker dan een datum dat er een tand doorkwam.

 

Maar goed, verhuizen dus. Waarom uit zo’n mooie omgeving? Een vraag die we best vaak krijgen.

Waarom? Omdat ik me hier niet veilig voel en je veilig voelen in je eigen huis en omgeving is toch best een vereiste.

Na het incident zijn er bedreigingen geweest. Dat heb ik al wel eens verteld denk ik. Toen ontstond bij mij de angst. Ik had nooit verwacht dat ik bang zou worden om alleen te zijn, bang om naar plaatsen te gaan waar veel mensen zijn, bang voor het donker, bang voor geluiden. Eerlijk gezegd had ik ook niet verwacht hier ooit zo over te schrijven want het is verre van cool. Soms voel ik me echt een mietje.

Als Roel nachtdienst heeft zit ik beneden, met alle lampen aan en hoor elk geluidje. Ik doe dus geen oog dicht. Dat gaat best een nachtje goed maar bij drie nachten gaat het helemaal mis. Al verschillende malen ontkwam ik dan niet aan een epileptische aanval. Helaas is slaaptekort de trigger voor een aanval bij mij.

Al van alles hebben we geprobeerd. Nog meer verlichting in de tuin, betere sloten, ouders en vrienden die hun gsm naast hun bed leggen zodat ik kan bellen als er wat is. Gesprekken met de psycholoog, EMDR. De hele trucendoos is open gegaan maar de angst bleef.

Ik blijf doorzoeken naar een oplossing om me weer veilig te voelen en die oplossing is er.

De organisatie is momenteel aan het bekijken of ze me hierbij kunnen gaan ondersteunen waar ik zeker meer dan dankbaar voor ben. Mijn hoop is hierop gevestigd want dit zou een echt nieuw begin betekenen. Door deze oplossing durf ik weer alleen naar buiten, durf ik alleen te zijn tijdens de nachtdiensten van Roel en krijg ik zelfs een heel klein stukje van mijn oude passie terug.

Dit zit nu elke dag in mijn hoofd. Het is ook niet niks, je leven weer een stuk terug krijgen, je weer veilig voelen. Ik brand elke dag een kaarsje en hoop zo snel mogelijk te horen of het doorgaat.

Ik kan wel zeggen dat het dan feest is. Echt een nieuw begin. Ik droom er zelfs over.

Als ik iets weet dan ga ik er zeker over bloggen.

 

Nog even een afsluiter. Ik ben gevraagd om naar de nationale hulpverlenersdag te komen. Wat een mooi initiatief is dit zeg! Voor alle hulpverleners, brandweer, politie, ambulance maar denk ook aan de dierenambulance, wegenwacht, veteranen, teams met reddingshonden en noem maar op.

De hele dag is er van alles te beleven en hulpverlener en burgers kunnen zo meer binding met elkaar krijgen. Hulpverleners worden in het zonnetje gezet. En daar is het eens tijd voor.

Hoe vaak is het wel niet in het nieuws dat er weer een hulpverlener bedreigd of mishandeld is. Het moet toch een keer ophouden!

Oke, ik word boos, tijd om af te sluiten maar dat doe ik dit keer niet zomaar.

Ooit heb ik een filmpje gemaakt. Bedoeld voor collega’s. (stiekem ook verwerking voor mijzelf)

Bedoeld voor presentaties. Niet bedoeld om naar buiten te brengen tot het me werd gevraagd door de organisatie van de nationale hulpverlenersdag.

Ik had het er met een vriendin en tevens collega over en ze zei me dat het mijn filmpje was en ik zelf moest weten wat ik ermee deed.

Eigenlijk heeft ze gewoon gelijk. Dus met mijn filmpje (gemaakt door Smith media, heb ik het lekker toch gezegd :-) sluit ik af en ga ik op naar een nieuw begin.


1,2,3,4,5,6,7,8,9...............10

Na mijn laatste blog heb ik behoorlijk wat reacties gekregen. Ik snap dat als je een blog schrijft en hiermee je mening geeft over bepaalde zaken dit niet de mening is van anderen.

Dat ik daar dan dingen over terug gekoppeld krijg is ook helemaal prima. Ik waardeer dat of ik het er nu mee eens ben of niet.

Ik wil hier nog wel wat over kwijt. Het is allereerst nooit mijn bedoeling om mensen te kwetsen. Zeer zeker niet. Ik schrijf vaak vanuit mijn gevoel, soms ook als het bij mij best wel hoog zit. Op een moment dat ik frustratie of woede voel moet ik misschien niet gaan bloggen. Misschien moet ik leren eerst alles eens te laten bezinken en dan te gaan schrijven. Ik weet het niet. Van de een krijg je te horen dat hij of zij het waardeert dat je open bent en een ander raakt er door gekwetst.

Dat laatste vind ik niet tof. Daar bied ik mijn excuses voor aan.

 

Wat ik wel vind is dat iedereen zijn of haar mening mag geven. Daar heeft iedereen gewoon recht op.

Ik hoorde dat er op mijn vorige blog behoorlijk wat reacties waren. De reacties kwamen ook op mijn facebookpagina waar ik het ook altijd deel wanneer ik een nieuwe blog schrijf.

Ik hoorde dat sommige reacties uitgebreid zijn besproken en dat er zelfs geroddeld werd over sommige reacties. Kijk, dat vind ik dus wel jammer, zeker gezien de positie van deze persoon. Niet verwacht. Praat eens met elkaar in plaats van over elkaar. Zegt of doet iemand iets wat je niet vind kunnen zeg dat dan gewoon. Er kunnen dan zelfs best mooie gesprekken ontstaan denk ik.

Ik vond het in ieder geval erg jammer.

 

Wat ik ook kwijt wil is dat ik te horen krijg dat ik negatief praat over de organisatie.

Ook daar wil ik best op reageren.

Ik heb de mooiste baan ter wereld gehad. Dat vind ik nog steeds. Ik mis het nog elke dag. Nee, ik huil er niet meer om, mijn pijlen kunnen zeker ook op andere zaken gericht worden (zijn) maar het gemis is er zeker. Soms praat ik over dingen die ik mee gemaakt heb tijdens het werk en dan merk ik dat diep van binnen die sprankel van enthousiasme nog aanwezig is.

Ik heb enorm veel respect voor alle mensen in blauw. Voor de mensen die de straat op gaan en overal voor komen te staan.

Mijn liefde voor het vak is nooit weg geweest en ik denk dat het er altijd in blijft zitten.

Het enige dat me verdriet doet is de manier waarop de organisatie met ex collega’s omgaat wanneer ze met ontslag gaan door een ongeval of PTSS. Wanneer ze voor alle rompslomp komen te staan in de afwikkeling van zaken en hoe ze juist op dat moment in de steek worden gelaten.

Neemt dit mijn liefde voor het vak weg? Nee, zeker niet.

Als het even zou kunnen zou ik alles laten voor wat het was en morgen weer mijn uniform aantrekken en de beste dienst ooit draaien.

Maar ik vecht wel waar ik recht op heb en met mij honderden anderen collega’s.

Dat ik dus soms erg negatief over kom spijt me. Ik zal niet meer schrijven wanneer ik weer eens kwaad of teleurgesteld ben. Even tot 10 tellen is misschien beter…

 

Maar goed, leuk nieuws waar ik nog niet alles over wil zeggen want ik plaats straks liever een foto als het zo ver is.

Ik had ooit een droom waarvan ik dacht dat ik deze door mijn letsel op moest geven. Altijd heb ik nog gekeken naar mogelijkheden om deze toch uit te laten komen.

Erg lastig maar het gaat gebeuren. Ik moet er nog even op wachten, hoe lang weet ik niet.

Misschien krijg ik morgen telefoon dat het zo ver is of misschien over drie maanden. Maar ik ben er nu al super gelukkig mee.

Het mooiste is dat we er begeleiding bij gaan krijgen door twee hele lieve mensen. Ik ben dankbaar dat sommige mensen mee kijken naar je mogelijkheden en niet naar wat je niet meer kan.

Mijn letsel beperkt me soms en zit me soms ontzettend in de weg. Ik vloek er op, ik huil er soms nog steeds om maar ik ben ook dankbaarder. Ik zie mensen die je willen ondersteunen, mee kijken naar mogelijkheden. Familie en vrienden die er steeds maar weer zijn.

Een nieuw begin, ander huis en een heerlijk nieuw seizoen met dromen die toch nog uitkomen.

 

Beter dan dit kan ik niet afsluiten denk ik zo.


He He eindelijk!!

Het was de bedoeling om in maart weer te starten met bloggen. Dit is even iets anders gelopen.

Ik heb het nog niet eerder vermeld (denk ik) maar ik heb een darmziekte die momenteel behoorlijk opspeelt. Binnen no time was ik zeven kilo kwijt en de vermoeidheid heeft de overhand.

Na mijn dienstongeval kreeg ik veel moeite met slapen. Meestal word ik tussen drie en vier uur wakker en dan ben ik dus ook echt wakker. Ik heb begrepen dat meer mensen met hersenletsel dit hebben dus vreemd is het niet, alleen nu de combinatie met de darmziekte is behoorlijk zwaar.

Het bloggen schoot er dus aardig bij in helaas. Dan ook nog een verhuizing die er aan staat te komen. Echt, soms denk ik dat ik omval van vermoeidheid maar ach als je dan ook weer opstaat komt het vanzelf wel weer goed. We zullen doorgaan.

 

Mijn afscheidsetentje was top. Gehuild van het lachen en hele lieve en gezellige collega’s die deze avond met me wilden delen en ervoor zorgden dat het echt heel mooi was.

De dag van mijn ontslag was shit. Ik voelde me leeg en heb gewoon een potje liggen janken. Het kwam ineens binnen dat het gewoon voorbij was.

Dat het dat ook is dat blijkt wel.

De collega’s waar ik nog steeds contact mee had, daar heb ik nu nog contact mee en daar ben ik dankbaar voor. Van mijn teamleiding heb ik niets meer gehoord, in tegenstelling tot sommige ex-leidinggevenden.

Uiteraard snap ik dat ze nu ook geen verplichtingen meer hebben richting mij maar dat ik gewoon niets meer hoor, dat doet wel iets. Uit het oog uit het hart.

Dat had ik niet verwacht dus dat was even slikken.

Maar ik ben nu op een punt dat ik me daarbij heb neergelegd. Het is zo en ja, het heeft pijn gedaan. Je werkt toch al jaren en jaren voor een organisatie, vervolgens word je in elkaar geslagen, heb je blijvend letsel, word je afgekeurd, krijg je ontslag en dan word het stil. Best vreemd toch?

Ik heb me toch altijd honderd procent ingezet, ik deed mijn werk met passie en met ongelooflijk veel plezier. Nu leer ik ook een andere kant van de organisatie kennen en ik moet eerlijk zeggen dat die kant me totaal niet bevalt en dan zeg ik het best netjes.

 

Inmiddels ben ik er achter dat ik niet de enige ben die moeite heeft met de organisatie. Honderden collega’s hebben dit. Collega’s die met hun handen in het haar zitten omdat ze in de steek worden gelaten door de organisatie na vastgestelde PTSS of een dienstongeval. Hulp die zij horen te krijgen wordt niet gegeven (hulp bieden aan hen die deze behoeven was het toch?) Geld waar zij recht op hebben wordt niet uitgekeerd of er moet een jaren durend juridisch gevecht aan te pas komen.

Al deze verhalen en geloof me, ik heb er inmiddels heel veel gehoord, hebben me wel wakker geschud. Je bent een nummer geweest, je vervanger staat al klaar. Iemand die wel volledig inzetbaar is, meedraait in het rooster. Fijn zo’n organisatie…

 

Maar goed, deze club collega’s en hun verhalen hebben mij geholpen. Alleen al het gevoel dat ik niet alleen sta is heel erg fijn.

Ik kon dankzij deze club collega’s ook wat makkelijker afstand nemen van alles en dat had ik wel even nodig. Nou ja, wat makkelijker, mijn verdriet van mijn afscheid heeft plaats gemaakt voor strijdlust. Jammer dat ik nu ook nog eens ziek ben anders had ik net iets harder kunnen vechten.

Deze club collega’s wil waarschijnlijk de media op gaan zoeken, een boekje open doen over alles wat er gebeurd na ontslag, over de organisatie die dan ernstig in gebreke blijft. Toezeggingen die gedaan worden en niet worden nageleefd. Ik geef ze gelijk en ik hoop dat ze iets kunnen bereiken of dat ze hiermee eindelijk rust krijgen. Dat hun woede en frustraties plaats gaan maken voor rust en misschien nieuwe dromen of uitdagingen waar ze hun geluk in vinden.

 

Ik wil voor nu afsluiten met dat ik leer te leven met mijn letsel. Ik heb medicatie voor de pijn in mijn arm. Mijn hersenen interpreteren de signalen van mijn zenuwen verkeerd waardoor ik steeds het gevoel had dat mijn arm in brand stond. Met de medicatie is dit afgezwakt. Minder pijn maakt gelukkig. Ik maak me ook minder zorgen over hoe ik overkom bij anderen. Als ik moe ben dan zeg ik dat, als ik niet op een woord kom dan is dat zo en mijn bril en oordopjes houd ik op, wat anderen er ook van vinden.

Roel en ik waren laatst bij iemand die ook hersenletsel heeft en zijn uitspraak vergeet ik nooit meer: “Ik word het meeste moe van altijd maar op mijn tenen lopen.”

Toen dacht ik, verrek, dat herken ik. Ik doe zo vaak mijn best niet te laten merken dat ik ergens niet op kom of niet te laten merken dat ik moe ben of zette mijn bril af omdat ik dacht dat het als raar werd gezien. Ik deed mijn best niet te laten merken wanneer ik iemand niet meer herkende of weer eens iets vergeten was wat me verteld was. Eigenlijk was ik steeds maar mijn best aan het doen om vooral niet te laten merken dat er letsel zit in mijn hoofd waardoor ik soms dingen niet begrijp of niet meer weet of wat dan ook.

Dat is inderdaad doodvermoeiend dus daar ben ik mee gestopt. Ik ben wie ik ben. Marieke 2.0 zoals zo mooi werd gezegd in het revalidatiecentrum. Wie weet.

Ik weet alleen dat ik me niet anders meer ga voordoen, dat ik nu zeg dat ik iets vergeten ben, dat ik zeg dat ik je niet herken en dat ik zeg dat ik soms niet op mijn woorden kom.

Dit is wie ik ben, gewoon ik en ik ben blij met alle lieve en mooie mensen om me heen.

Ik ben dankbaar voor al de mooie dingen, best interessant, dat leven...